Aangeleerde hulpeloosheid - Arvid van Putten - Hondencoach

Aangeleerde hulpeloosheid

Er zijn aardig wat discussies gaan de dat je niet mag corrigeren of dat je juist wel moet corrigeren. En voordat we in een discussie gaan of dit wel of niet mag, laten we eerlijk zijn. Iedereen corrigeert zijn hond wel eens. Of dit nu bewust of onbewust is, maakt wat dat betreft niet uit, het blijft een correctie. Een automatisch HÉ roepen wanneer je hond iets doet wat niet mag, is al snel gezegd. Maar ook het stappen op een poot kan als een correctie worden opgevat (gelukkig ken ik niemand die bewust om de poot van een hond gaat staan om te corrigeren).

Wat ik hier wil laten zien, is wat doet bewust en constant corrigeren met je hond. Daar ga ik in dit blog verder op in. In een ander blog zal ik verder ingaan op belonen.

Om goed te kunnen begrijpen wat corrigeren doet met een hond, ga ik terug naar een walgelijk experiment in 1967. In dit jaar is de Amerikaanse psycholoog Martin Seligman begonnen met het onderzoek naar aangeleerde hulpeloosheid. Samen met Maier is hij met 3 groepen honden gaan testen. Alle honden zaten in een harnas en konden niet weg. De eerste groep kreeg het harnas om en werden na een tijdje weer los gelaten. Groep 2 kreeg willekeurig een elektrische schok. Deze schok konden ze opheffen door een hendel te bedienen. In groep 3 waren alle honden gekoppeld aan een hond uit groep 2. Deze honden kregen op hetzelfde moment een elektrische schok als groep 2. Zij hadden alleen geen mogelijkheid om deze op te heffen. Wanneer de gekoppelde hond uit groep 2 de hendel bediende, werd de schok ook voor de hond in groep 3 opgeheven.

In het tweede deel van de test zijn de honden in een box gezet. De ene helft van de doos had een rooster wat onder stroom gezet kon worden. De andere helft van de doos was veilig zonder schokken. Tussen de twee delen was een klein schotje geplaatst waar de honden makkelijk overheen konden. De drie groepen werden nu getest waarbij de honden op het deel werden gezet waar ze een schok kregen. De honden uit groep 1 en 2 leerden snel dat ze over het schotje konden om zo te ontkomen aan de elektrische schokken. Honden uit groep 3 hadden geleerd dat wat ze ook deden, niets er voor kon zorgen dat de schokken op hielden. Deze honden gingen er bij liggen en piepten wanneer ze schokken kregen.

Met dit resultaat zijn ze gaan kijken of ze deze honden konden verleiden om naar de andere kant te gaan. Maar de honden uit groep 3 waren niet te lokken met iets lekkers of andere beloningen en ook het zien dat andere honden over het schotje gingen had geen effect en bleven ze op hun plaats. Pas toen de onderzoekers de honden minstens 2 keer poot voor poot over het plankje hadden geholpen, gingen ze pas uit zichzelf.

Deze staat waarbij de hond maar iets over zich heen laat komen omdat ze weten dat wat ze doen toch geen effect heeft, heet aangeleerde hulpeloosheid. Dit zie je terug bij honden die voor alles worden gecorrigeerd. Keer, op keer, op keer, op keer. Deze honden zie je in zichzelf keren en de lust voor het leven verliezen. In de ogen van de mensen die corrigeren, wordt dit vaak beschreven als onderdanig. Ik zie dit meer als gebukt gaan onder het juk wat de mensheid heet. Een gesloten hond die niets meer durft. Geef mij dan maar liever een hond die open is en af en toe ondeugend. Want die lach op het gezicht van de hond is gewoon onbetaalbaar!